Schilders van het Gelderse landschap
Oosterbeek en Wolfheze vormen samen de oudste kunstenaarskolonie van Nederland. Het fantastische landschap van de zuidelijke Veluwezoom met zijn bossen en weilanden, beken, sprengen en vennen, eeuwenoude eiken en de heuvels van de stuwwal, was decennia lang een bron van inspiratie voor een groot aantal schilders.
De frisheid van gras, de geur van bladeren, de vochtigheid van de lucht, dat waren elementen die de schilders op het doek wilden brengen. Anders geformuleerd: zij wilden stemming, atmosfeer, warmte, geur, licht en donker schilderen. Zo wekten zij de illusie dat de kijker zich in een heus landschap bevond. Hun werk werd later bekend als de Oosterbeekse School. De schilders voelden zich primair op sociaal-culturele gronden verwant. Ze zochten de sfeer van een kunstenaarsdorp in een uitdagende natuur, maar ook de intimiteit van kroegen en logementen waar zij elkaar opzochten en hun werk bespraken. Johannes Warnardus Bilders (1811-1890) was een van de ‘founding fathers’.
bron: Mijn Gelderland
Toen Bilders hier in 1841 voor het eerst kwam, was hij diep onder de indruk van het landschap. Met zijn grafheuvels uit 2000 voor Christus, vele overblijfselen van vroegere bewoning en eeuwenoude bomen, had het voor hem iets magisch. Zijn verering van het natuurschoon was volgens zijn tweede vrouw Marie van Bosse haast een religieuze ervaring.
In de schaduw van deze eeuwenoude eiken aan de Papiermolenbeek en de noordelijk daarvan gelegen Wolfhezerbeek ligt de ‘gewijde’ plek waar Johannes Warnardus Bilders (1811-1890) een doopplechtigheid hield. Deze vond op of rond zijn verjaardag op 18 augustus plaats. Het moet een bijzondere vertoning zijn geweest: de ceremonie die Bilders halverwege de negentiende eeuw ’s zomers organiseerde in de bossen bij Wolfheze. Met kruiwagens met eten en drank liep een grote groep van in Oosterbeek verblijvende kunstenaars (soms meer dan dertig) van Oosterbeek naar de Papiermolenbeek in Wolfheze. Daar werd een kruiwagen op z’n kop in het water gezet, Bilders, als druïde verkleed, daarop staande, de dopeling daarvoor. Onder de plechtige woorden van Bilders, waarbij de dopeling moest zweren steeds met ernst die plaats te betreden waar Wodan en Thor huisden, werden hem handen vol water toebedeeld. Volgens de overlevering maakte hij er een hele show van die eindigde met zang en dans.


J.W. Bilders, Wodanseiken aan de beek in Wolfheze
ca. 1860-1865, olieverf op paneel, 54 x 74 cm.
collectie Teylers Museum, Haarlem
Bron: Ulbe Anema op heelsumsbeekdal.nl
In het huis De Pelshoeve hangen vooral werken van de latere periodes. Werken vaak, die nog maar weinig tentoongesteld zijn, wat het ook weer bijzonder maakt.
