Elisabeth Maria Peters

‘Lies’ Peters oftewel Mejuffrouw Peters, zoals Johan Wesselink haar noemt in zijn boek Schilders van de Veluwe-zoom (1943) bezoekt in haar geboorteplaats Amsterdam de Academie voor Beeldende Kunsten en krijgt daar onderricht van de kunstschilder en docent August Allebé.

In haar latere werkzame leven houdt ze zich voornamelijk bezig met het vervaardigen van stillevens en bloemen. Ze verblijft graag op het Italiaanse eiland Capri, waar ze veel reisschetsen maakt in de vorm van tekeningen en aquarellen.

Mejuffrouw Peters werkt in bescheidenheid. Ze exposeert wel, onder andere bij het Genootschap Artibus Sacrum in Arnhem en bij Arti et Amicitiae in Amsterdam, maar dan slechts met weinig inzendingen. Johan Wesselink: ‘Van alle vertoon was zij wars. Zij schilderde om de vreugde van het schilderen. Tevreden was zij nooit, zij worstelde met de kunst om toch iets van haar schoonheid te bereiken.’ Wesselink vervolgt met de voorspelling, dat ‘als zij ruimer bekend zal worden, [haar werk] voor nog meerderen betekenis zal krijgen.’ Dit wordt helaas niet bewaarheid. Er is weinig werk van haar bekend en op veilingen wordt het niet of nauwelijks aangeboden.

De kunstenares is een regelmatige exposant bij de kunstvereniging Pictura Veluvensis.

Lies Peters overlijdt op 13 januari 1940 op 72 jarige leeftijd in haar woning aan de Wolterbeekweg in Oosterbeek.